Home  Activiteiten  Contact  Historie  Tuin  Omgeving  Terug 
 

 
Tuin

Tuin en park van Ridderhofstad Hindersteyn worden gekenmerkt door de middeleeuwse aanleg. De gracht om een bijna vierkant stuk terrein omzoomd door geboomte geeft de beslotenheid van de middeleeuwen weer.
In die tijd was er geen sprake van een riante aanleg. Alles was functioneel en zeer eenvoudig naar onze huidige maatstaven. Tuin en park zijn naar binnen gericht. Dus geen zichtassen naar het omringende landschap, met uitzondering van de aanleg voor het kasteel uit 1881 in een eenvoudige late landschappelijke stijl.
In de 19de eeuw breidde de kennis en het gebruik van allerlei uitheemse gewassen zich uit en de moestuin werd voor de eigenaar een belangrijk statussymbool. De tuinbaas kreeg opdracht om met zoveel mogelijk nouveautés te komen. De kunst was om het gehele jaar door verse producten te leveren voor de familie op het kasteel.
Achter het kasteel staan nog twee enorme eiken uit 1750, restanten van de beplanting langs de binnengracht.
Op het terrein staan diverse bijgebouwen. Bij de van oorsprong middeleeuwse oprijlaan ligt het poortgebouw dat in 1847 meer naar buiten is verplaatst ter wille van een nieuwe parkaanleg. De zware poortdeuren geven nog de sfeer van vervlogen tijden weer.
Aan de andere zijde van het terrein liggen de dienstgebouwen die een functie voor de tuin hebben. Hier bevindt zich de tuinmanswoning uit 1851, met daarachter een schuur, de oranjerie, de werkplaats en de kassen in de moestuin. In 1950 zijn de oorspronkelijke oranjerie, de kassen en de broeibakken uit 1881 gesloopt. Inmiddels zijn deze elementen weer toegevoegd.
In 1982 is door tuinarchitect Thijs van Hees een herstelontwerp gemaakt voor de tuin en park. Dit ontwerp voorzag in een aangepaste aanleg met versterking van de bestaande structuren. Dit plan is grotendeels uitgevoerd.

 

Oranjerie
Vanouds is een oranjerie op een buitenplaats een veel voorkomend verschijnsel. De aanwezigheid van een oranjerie is rond 1600 ontstaan als gevolg van de ontdekking van bijzondere planten in den vreemden.
Bij rijke kooplieden maar ook aan het Stadhouderlijk Hof was het verzamelen van onder andere sinaasappelboompjes populair. Omdat deze subtropische planten in het Nederlandse klimaat niet gedijen werd een vorstvrije opslagruimte gecreëerd in de vorm van een schuur met veel ramen op het zuiden. Dit noemde men een oranjerie. Er zijn nog zo’n 120 oranjerieën in Nederland aanwezig waarvan een kwart nog in gebruik is als originele oranjerie. Ook op Hindersteyn is een oranjerie. In 1980 is een deel van een fruitloods verbouwd tot klassieke oranjerie. In de oranjerie wordt een collectie traditionele kuipplanten overwinterd. In de zomer staan palmen, laurieren. agapanthussen, crinums, datura’s en natuurlijk oranjeboompjes in het park opgesteld. Half mei gaan de kuipplanten naar buiten en half oktober weer naar binnen.

 

   
                    Oranjerie                                   Terras voor oranjerie             

 

Moestuin
Iedere buitenplaats had vroeger een moestuin. Daar kwam het voedsel vandaan. Een kruidenier was er op het platteland veelal niet. Tot aan de Tweede Wereldoorlog zijn deze moestuinen in gebruik geweest. Daarna is het snel gedaan met deze arbeidsintensieve activiteit. Vaste onderdelen van een moestuin zijn een tuinmuur of een houten schutting die beschutting moet geven tegen noordelijke koude winden. Daarnaast is er een omzoming door een haag, meestal een beukenhaag. Een broeibak om planten te vermeerderen en te beschermen tegen koude was altijd standaard aanwezig.
Op luxere buitenplaatsen werden sinds de 18de eeuw druivenkassen tegen een tuinmuur gebouwd voor de teelt van tafeldruiven. Na 1830 zijn de verwarmingsmethoden zover ontwikkeld dat een vrijstaande kas tot de mogelijkheid gaat behoren. Op Hindersteyn zijn verschillende van deze elementen aanwezig.
In de herstelde moestuin van Hindersteyn is een team van 23 vrijwilligers actief die ieder gespecialiseerd is in een onderdeel. De één houdt zich bezig met de zachtfruitkooi, een ander met de vijgenkas. Een aantal vrijwilligers zijn expert op het gebied van groenten en oude groenterassen. Voor de bloemen in de pluktuin zijn ook enthousiaste vrijwilligers aan de gang evenals voor de kruiden. De authentieke druivenserre is in 2006 aangewend voor de teelt van wijndruiven. De eerste gebottelde wijn zal echter nog wel enkele jaren op zich laten wachten. Aan het einde van het seizoen wordt er met de vrijwilligers een gezamenlijke oogstdag georganiseerd waarbij de producten uit de moestuin voor een heerlijke maaltijd worden aangewend. Op deze manier is de moestuin weer in productie en vormt het een parel van de buitenplaats.

 

   
                    Moestuin                                                                     Pluktuin                       

 

Slangemuur
Een betonschutting uit 1890 met betonrot is in 1982 vervangen door een slangemuur van zestig meter lengte. Slangemuren waren in de 18de eeuw populair om het leifruit te telen. In de kommen van deze muur werd een microklimaat gecreëerd waardoor het fruit eerder rijp werd en waarbij de teelt van bijvoorbeeld perziken en abrikozen ook goed mogelijk werd.
Deze typische Hollandse vinding is nog te vinden op een achttal buitenplaatsen. De muur van Slot Zuylen te Zuylen is erg beroemd, maar ook in ’s Graveland zijn er twee te vinden op de buitens Hilverbeek en Schaep en Burg, enkele in de omgeving van Haarlem en op buitenplaats Sparrendaal in Driebergen-Rijsenburg.
De slangemuur op Hindersteyn is in gebruik en voorzien van latwerk om het leifruit te geleiden.

 


Slangemuur

 

Kassen
In 1992 is een kweekkas herplaatst in de vorm van een exemplaar uit 1845 afkomstig van buitenplaats Herteveld in Maarssen aan de Vecht. Deze kweekkas werd met vernietiging bedreigd. Naar later bleek is dit de oudste nog bestaande ijzeren vrijstaande kas in Nederland. In 2001 is een druivenserre opnieuw opgebouwd die afkomstig is uit het Westland. Deze druivenserres kwamen in Nederland vanaf 1881 in zwang en kende een hoogtepunt in de jaren twintig van de 20ste eeuw. Dit type is echter al in 1860 in België ontwikkeld en was de opvolger van de muurkassen waarin sinds de 18de eeuw druiven werden geteeld.
Op Hindersteyn wordt de 23 meter lange druivenserre benut voor de teelt van wijndruiven. In 2005 is een van oorsprong Belgische kas met gebogen dakvlak toegevoegd. Dit is een verplaatst monument afkomstig van een tuinderij in Den Dungen bij Den Bosch. In deze kas worden nu achttien verschillende soorten vijgen geteeld.

 


Kassen

 

Doolhof
Een ander bijzonder element op Hindersteyn is de doolhof. Een doolhof was in tweede helft van de 19de eeuw weer populair als tijdverdrijf voor de bewoners en hun vele gasten. Een uitstapje naar de doolhof na de thee was in de mode. Met name verliefde stelletjes zagen hun kans schoon om aan de chaperonne te ontkomen. In Nederland zijn nog maar weinig doolhoven op buitenplaatsen bewaard gebleven. Bekende doolhoven zijn die van Het Oude Loo in Apeldoorn, die van Kasteel Ruurlo in Ruurlo en de doolhof van Kasteel Weldam in Goor. Op Hindersteyn is in 1995 een klassiek ovaal doolhof aangelegd van 30 x 40 meter die beplant is met zo’n 1600 groenblijvende Buxus sempervirens ‘Rotundifolia’. De padlengte bedraagt 650 meter. Bijzonder van dit doolhof is dat je niet in een dood stuk kan lopen, je blijft aan het dwalen totdat je in het middenveld uitkomt. De doolhof is nu bijna op de gewenste hoogte van 185 cm.



Doolhof

 
Copyright 2011 Hindersteyn